Leviticus 25: 11-17 | Nooit meer stress

Leerdienst Tora en Evangelie

Behar | Leviticus 25: 1-26: 2

28 Ijar 5775 / 17 mei 2015

Leviticus 25: 11-17

Schriftlezingen Mattheús 6: 25-29, Leviticus 25: 11-17

– NT: Mattheús 6: 25-29 25 Daarom zeg ik u: weest niet bezorgd voor uw ziel over wat ge moet eten en niet voor uw lichaam over wat ge moet aantrekken; is de ziel niet méér dan het voedsel en het lichaam dan de kledij?- 26 kijkt naar de vogels van de hemel, omdat zij niet zaaien en niet maaien en niet verzamelen in schuren, en uw hemelse Vader hen voedt: verschilt gíj niet heel wat van hen?- 27 wie is met bezorgd zijn bij machte één el aan zijn lengte toe te voegen?- 28 en wat maakt ge u zorgen over kleding?- leert van de –oordeelloze– leliën* op het veld, hoe ze groeien: zij zwoegen niet en spinnen niet… 29 ik zeg u dat zelfs Salomo in al zijn heerlijkheid niet omworpen is geweest als één van hen;

Tenach Leviticus 25: 11 Joveel, dát zal het jaar van de vijftig jaar voor u wezen: ge zult niet zaaien,- wat daarin spontaan opschiet 
zult ge niet maaien, en waarvan ge u moet onthouden, 
dat zult ge niet afsnijden. 12 Want joveel is het,- iets van heiliging zal het voor u wezen; zó van het veld moogt ge zijn opbrengst wel eten. 13 In dit jaar van de joveel keert ge terug, ieder naar zijn eigen stek. 14 Wanneer ge iets verkoopt, bij een verkoop aan je maat, of iets aankoopt uit de hand van je maat: dan zult ge elkaar -man en broeders- 
niet benadelen. 15 Rekenend met het getal van jaren 
ná de joveel koop je iets bij je maat; rekenend met het aantal jaren 
van opbrengst verkoopt hij iets aan jou. 16 Naarmate het méér jaren zijn zal hij zijn koopprijs vermeerderen, en naarmate het minder jaren zijn vermindert hij zijn koopprijs; want een aantal ópbrengsten is het wat hij aan jou verkoopt. 17 Ge zult elkaar -man en maat- niet benadelen,- ontzag zul je hebben voor je God; want ik, de Ene, ben je God!