Veessen

Genesis 12: 1-8 | Leven met de Stem

Schriftlezingen Genesis 12: 1-8, 2 Timoteüs 1: 8-9 en Matteüs 4: 18-22 1e Schriftlezing Genesis 12: 1 De HEER zei tegen Abram: ‘Trek weg uit je land, verlaat je familie, verlaat ook je naaste verwanten, en ga naar het land dat ik je zal wijzen. 2 Ik zal je tot een groot volk maken, ik zal je zegenen, ik zal je aanzien geven, een bron van zegen zul je zijn. 3 Ik zal zegenen wie jou zegenen,

Johannes 3: 1-12 | de eeuwige Wijsheid

Schriftlezingen Johannes 3: 1-12 en Spreuken 8: 22-33 Johannes 3: 1 Zo was er een farizeeër, een van de Joodse leiders, met de naam Nikodemus. 2 Hij kwam in de nacht naar Jezus toe. ‘Rabbi,’ zei hij, ‘wij weten dat u een leraar bent die van God gekomen is, want alleen met Gods hulp kan iemand de wondertekenen doen die u verricht.’ 3 Jezus zei: ‘Waarachtig, ik verzeker u: alleen wie opnieuw wordt geboren, kan het

Johannes 8: 12 | Heer Jezus, als een licht zijt Gij

Schriftlezingen Exodus 13:17-22, Exodus 40: 36-38, Johannes 7: 37, 38 en Johannes 8: 12 1e lezing Exodus 13: 17 Toen de farao het volk had laten vertrekken, leidde God hen niet langs de weg die door het gebied van de Filistijnen loopt, ook al was dat de kortste route. God dacht namelijk: Als ze strijd zouden moeten leveren, konden ze wel eens spijt krijgen en teruggaan naar Egypte. 18 Daarom liet hij het volk een omweg

Johannes 20: 1-18 | Leven van hart tot hart

Schriftlezing Johannes 20: 1-18 Johannes 20: 1. Vroeg op de eerste dag van de week, toen het nog donker was, kwam Maria uit Magdala bij het graf. Ze zag dat de steen van de opening van het graf was weggehaald. 2. Ze liep snel terug naar Simon Petrus en de andere leerling, van wie Jezus veel hield, en zei: ‘Ze hebben de Heer uit het graf weggehaald en we weten niet waar ze hem nu

Spreuken 8: 22-33 & Johannes 3: 1-12 | De eeuwige Wijsheid

Schriftlezingen Johannes 3: 1-12 Spreuken 8: 22-33 1e Schriftlezing Johannes 3: 1 Zo was er een farizeeër, een van de Joodse leiders, met de naam Nikodemus. 2 Hij kwam in de nacht naar Jezus toe. ‘Rabbi,’ zei hij, ‘wij weten dat u een leraar bent die van God gekomen is, want alleen met Gods hulp kan iemand de wondertekenen doen die u verricht.’ 3 Jezus zei: ‘Waarachtig, ik verzeker u: alleen wie opnieuw wordt geboren, kan

Romeinen 8: 14-16 | Wij roepen ‘Abba!’

Schriftlezingen Romeinen 8: 14-16 en Lukas 1: 1-13 1e lezing Romeinen 8: 14 Allen die door de Geest van God worden geleid, zijn kinderen van God. 15 U hebt de Geest niet ontvangen om opnieuw als slaven in angst te leven, u hebt de Geest ontvangen om Gods kinderen te zijn, en om hem te kunnen aanroepen met ‘Abba, Vader’. 16 De Geest zelf verzekert onze geest dat wij Gods kinderen zijn. 2e lezing Lukas 1: 1